Een incassoprocedure bij de rechtbank

Wanneer uw debiteur ook na uw laatste aanmaning niet betaalt, dan kunt u natuurlijk ons incassobureau inschakelen. Vaak wordt er dan een minnelijke oplossing gevonden maar helaas niet altijd. Een goed incassobureau biedt u dan in de meeste gevallen de mogelijkheid om uw openstaande factuur via een procedure bij de kantonrechter aanhangig te maken.

Bill vraagt voor de schuldeiser (de klant) in deze procedure de kantonrechter om de debiteur te veroordelen in de openstaande factuur + rente + incassokosten + proceskosten. Wanneer de kantonrechter de vordering aannemelijk vind, wordt dit doorgaans toegewezen. Bill kan dan vervolgens met het vonnis beslag laten leggen op bijvoorbeeld het loon of bankrekeningen van de debiteur en zo alsnog de openstaande vordering incasseren.

Incassobureau stelt zelf dagvaarding op

Als eerste wordt door ons incassobureau een dagvaarding opgesteld. Een dagvaarding is een document waarin beschreven wordt wie wat aan wie verschuldigd is en waarom. Onze deurwaarder betekend de dagvaarding aan de debiteur. Dit houdt in dat onze deurwaarder langs gaat bij de debiteur om de dagvaarding persoonlijk uit te reiken. Dit is een wettelijke verplichting om de zaak aan te brengen bij de rechtbank. AIs de debiteur niet thuis is dan wordt de dagvaarding in de brievenbus achtergelaten.
In de dagvaarding staat ook vermeld wat er allemaal in de zaak vooraf is gegaan en welke acties zijn ondernomen om er in de minnelijke fase samen uit te komen. Er wordt een datum, tijdstip en plaats genoemd wanneer de debiteur voor de kantonrechter dient te verschijnen. In de dagvaarding wordt aan de kantonrechter verzocht om de debiteur te veroordelen in hetgeen openstaat maar ook in de gemaakte proceskosten. De proceskoten bestaan uit de kosten voor betekening van de dagvaarding (meestal rond de € 100), kosten voor het griffierecht en het salaris van de gemachtigde (incassobureau). De hoogte van deze laatste kosten zijn afhankelijk van de hoogte van de vordering.

Met incassobureau naar de kantonrechter of de rechtbank?

Indien uw vordering met rente en incassokosten minder bedraagt dan € 25.000 dan kan ons incassobureau de gehele gerechtelijke incasso voor u bij het kantongerecht verzorgen. Indien de vordering onbetwist is, komen daar, naast de proceskosten, meestal geen extra kosten bij. Indien er verweer gevoerd wordt, wordt dat door een van onze juristen behandeld.

Bedraagt uw vordering meer dan € 25.000? Dan moet er helaas gebruik worden gemaakt van een advocaat. Advocaten zijn duur, uurtarieven van € 200,00 en hoger zijn geen uitzondering. Daarom probeert Bill dit uiteraard zo veel mogelijk te voorkomen.
Er zijn uitzonderingen, zo kan een huurvordering altijd bij het kantongerecht behandeld worden. Ongeacht de hoogte van de vordering en dus zonder advocaat. Is uw vordering hoger dan € 25.000 maar bestaat deze uit meerdere facturen? Dan is het soms ook mogelijk om de incasso opdracht in tweeën te splitsen en 2 procedures bij de kantonrechter aan te brengen. In de regel is dit bijna altijd goedkoper dan gebruik te moeten maken van een advocaat.

De tijd tussen de dagvaarding en de dag van zitting

Tussen het moment dat uw debiteur de dagvaarding uitgereikt krijgt en de datum waarop de debiteur bij de rechtbank moet verschijnen zit doorgaans 2 to 4 weken. In deze periode heeft de debiteur nog de tijd om de schuld alsnog te voldoen.

Betaalt de debiteur voor de zittingsdatum? Dan hoeft hij niet het griffierecht te voldoen maar wel de kosten voor het betekenen van de dagvaarding en het salaris van de gemachtigde.

De datum waarop de procedure behandeld wordt

Op de datum die in de dagvaarding genoemd staat moet de debiteur bij de rechtbank aangeven of hij bezwaar maakt tegen de ingestelde vordering of niet. Dit kan op 3 manieren. De debiteur kan naar de rechtbank gaan om persoonlijk zijn bezwaar kenbaar te maken. Echter meestal wordt het bezwaar schriftelijk naar de rechtbank gestuurd.

Ook kan de debiteur besluiten om helemaal niet te gaan en niets van zich te laten horen. Dit laatste noemen we verstek laten gaan en komt in onbetwiste incasso zaken het meeste voor. Reageert debiteur niet dan wijst de rechter doorgaans alles toe, dit noemen we een verstekvonnis. Op zich is dit heel gunstig want de procedure is dan snel voorbij en een langdurige procedure wordt vermeden.
Daarnaast kan de debiteur ook nog de rechter verzoeken om uitstel. Standaard wordt dit iedere termijn 1 keer toegewezen.

Debiteur voert verweer; “de conclusie van antwoord”

Als de debiteur in de gerechtelijke incasso procedure voor de eerste keer verweer via de rechtbank voert dan noemen we dat de conclusie van antwoord. Het is niets meer dan een uiteenzetting waarom de debiteur vind dat hij niet of niet alles hoeft te betalen.
Ook kan de debiteur aangeven dat hij het bijvoorbeeld niet eens is met de opgevoerde incassokosten. Echter bij ons incassobureau rekenen we alleen incassokosten door die conform de Wet Incassokosten zijn. De debiteur komt hier bijna nooit onderuit.

Conclusie van repliek

Na het ontvangen van het verweer wordt er door de rechter een nieuwe datum geprikt. Dit is bijna altijd weer 1 maand later. Voor die tijd moeten wij als uw incassobureau weer reageren op het verweer van uw debiteur. Er moet altijd gereageerd worden want anders wordt aangenomen dat je het verweer van de debiteur erkent.

Debiteur voert weer verweer; Conclusie van dupliek

De debiteur heeft ook nu weer het recht om verweer te voeren of om opnieuw uitstel aan te vragen. Deze conclusie van dupliek zal door de rechter bestudeert worden en dan zal hij laten weten of hij over genoeg informatie beschikt om vonnis te wijzen of dat hij nog meer informatie wenst. In het laatste geval zal hij alle partijen verzoeken om naar de rechtbank te komen.

Samenkomst van partijen bij de rechtbank

Wanneer alle partijen bij de rechtbank moeten komen noemen we dit een ‘comparitie van partijen’. Het is ook mogelijk dat er al een uitnodiging volgt na de conclusie van antwoord. Tijdens deze zitting waar iedereen, dus u met de jurist van ons incassobureau en debiteur met eventueel zijn gemachtigde, moet verschijnen zal de rechter vragen stellen en beide partijen in de gelegenheid stellen om hun standpunten toe te lichten.
Het is niet ongebruikelijk dat een rechter op dat moment al laat merken welke partij het meest in zijn recht staat volgens hem. Vaak worden partijen in de mogelijkheid gesteld om alsnog een schikking te treffen. Beide partijen worden dan ‘de gang opgestuurd’. Wordt een schikking overeengekomen dat wordt dit ter plekke door de griffier vastgelegd in een ‘proces verbaal’. Als de debiteur de afspraken uit het proces verbaal niet nakomt dan kan dit gewoon betekend worden als zijnde een vonnis. Er kan daarna ook gewoon beslag gelegd worden.

Het vonnis

Wanneer de partijen er bij de rechter niet uit komen dan kan de rechter vonnis wijzen. Hij wijst de vordering dan toe, gedeeltelijk toe of wijst de vordering af. Meestal is het vonnis ‘direct uitvoerbaar’, het is dan een eindvonnis.

Maar het is ook mogelijk dat een rechter een tussenvonnis wijst. Vaak wordt dan aan een van de partijen een bewijsopdracht gegeven. Deze moet dan bepaalde zaken bewijzen. Dit kan bijvoorbeeld door aanvullend bewijs te leveren of een expert in te schakelen.
In een tussenvonnis kunnen delen van de vordering al worden toegewezen en/of kan een zogenaamde bewijsopdracht worden opgelegd aan één van beide partijen. Dit betekent dat een van beide partijen van de rechter de instructie krijgt om iets te bewijzen.

Debiteur gaat in verzet

Reageert uw debiteur helemaal niet dan wordt bij verstek doorgaans de gehele vordering toegewezen. In de praktijk is het mogelijk dat uw debiteur dan binnen 4 weken hier protest tegen aantekent. Hij gaat dan ‘in verzet’. Hij zal dan wel bij u een verzetdagvaarding moeten laten betekenen. De procedure begint dan van voren af aan.

U wilt in hoger beroep

Is uw vordering afgewezen of gedeeltelijk afgewezen dan kunt u hiertegen in beroep gaan. Dit houdt in dat u een hogere rechtbank verzoekt om nog eens naar de zaak te kijken. Ook uw debiteur kan in hoger beroep gaan.

U kunt niet in alle zaken hoger beroep aantekenen. Zo moet het bedrag van de vordering boven de zogenaamde ‘appelgrens’ van € 1.750 liggen. Daarnaast moet altijd gebruik worden gemaakt van een (dure) advocaat.

Vonnis direct uitvoerbaar

De meeste vonnissen zijn ‘uitvoerbaar bij voorraad’. Dit houdt in dat het vonnis direct betekend kan worden bij de debiteur en dat er daarna direct beslag kan worden gelegd. Dit kan altijd ook al tekent uw debiteur verstek of hoger beroep aan.
Zoals u kunt lezen kan een gerechtelijke incassoprocedure duur en tijdrovend zijn. Daarom kiezen we er bij Bill in principe altijd voor om veel aandacht te besteden aan het minnelijk incasso traject. Wordt er in het minnelijk traject een oplossing bereikt dan is dat voor alle partijen beter. Doch, als het nodig is dan gaan we moeilijke situaties zeker niet uit de weg. Een goed incassobureau stuurt niet aan op een dure rechtszaak maar probeert deze juist te voorkomen.